U bent hier

Programma 2012 7. Standpunten

zo, 08/07/2012 - 11:45 -- Bob
Hieronder staan onze standpunten uitgewerkt. Ze zijn ingedeeld op hoofdpunt en beleidsvlak, maar allemaal verbonden aan ons hoofdthema van informatiepolitiek. Natuurlijk is er ook een groot aantal maatschappelijke thema's dat niet direct aan onze standpunten verbonden kan worden. Deze thema's kunnen niettemin hun weg naar ons programma vinden via de beschreven e-democracysystemen
 
Het is mogelijk dat de onderstaande punten prioriteit zullen krijgen boven punten die mogelijkerwijs uit ons e-democracy systeem voortkomen. Het is ook mogelijk dat we de punten die uit het e-democracy systeem voortkomen, zullen inwisselen voor de onderstaande punten. 
Als het tot een coalitie komt (laat ons even dromen), dan zijn we bereid alle andere punten te laten varen voor de onderstaande, die een uitwerking vormen van onze zeven kernpunten. 
 
1 Privacy van burgers dient gewaarborgd te worden
 
Persoonlijke integriteit, ook wel de persoonlijke levenssfeer of simpelweg privacy genoemd, is een grond- en mensenrecht. Een burger moet in staat zijn een privé-leven te hebben waar de staat, of groepen in de samenleving, de toegang tot en de inzage in ontzegd wordt. De staat en samenleving moeten privacy erkennen als fundamenteel grondrecht. Wanneer zij welbewust inbreuk maken op de privacy van een burger, dragen zij daarover de volledige verantwoordelijkheid. 
 
Juist door te respecteren wat mensen voor zichzelf willen houden, durven mensen vrij te zijn. In een vrije samenleving hoef je niet bang te zijn voor wat anderen vinden van wat jij denkt of doet. Het recht op een persoonlijke en dus van het publieke domein afgeschermde levenssfeer is een belangrijke voorwaarde voor het kunnen leven in een vrije samenleving. Niet alles wordt immers door je buurman, je verzekeringsmaatschappij, de overheid of je werkgever als prettig ervaren.
 
In onze steeds digitaler wordende wereld neemt het belang van de waarborging van privacy verder toe. Enerzijds kunnen steeds meer mensen je digitaal bereiken, anderzijds zijn eenmaal op het internet gepubliceerde gegevens praktisch niet meer te verwijderen.
 
Nederlanders hebben van oudsher een open houding naar hun medemens. Deze houding komt enerzijds voort uit het gezamenlijk leven in de polders, anderzijds uit de ligging aan een delta en de daaruit voortvloeiende handelsgeest. Deze open houding is in het verleden altijd samengegaan met het respecteren van de persoonlijke- en groepslevenssfeer. Want juist door te eerbiedigen wat mensen voor zichzelf willen houden, durven mensen vrij te zijn. En juist door mensen vrij te laten zijn, kunnen ze handel drijven en samen de dijken verdedigen.
 
1.1 De overheid dient de privacy bij IT-projecten in woord en daad te garanderen. In de praktijk gebeurt dit onvoldoende. Projecten als het Elektronisch Patiënten Dossier, OV-chipkaart, 'slimme' energiemeters in meterkast, registratie bij kilometerheffing worden kritischer geëvalueerd. 
De overheid heeft bij alle voornoemde projecten onvoldoende oog gehad voor de implicaties op het gebied van de privacy van burgers. Gegevensbescherming moet al bij het ontwerp van een systeem meegewogen worden. Het moet voorkomen worden dat de waarborging van privacy afhankelijk is van afspraken en procedures. Die kunnen immers door een overbelaste medewerker vergeten worden of zonder toestemming van de betrokkene gewijzigd worden. Voor lopende projecten zal per project gekeken worden of het technische systeem nu nog aangepast kan worden, of dat het hele project opnieuw moet worden vormgegeven. 
 
1.2 Het schenden van de privacy van burgers wordt onderdeel van het strafrecht.
Als een burger, de overheid, een bedrijf of een andere organisatie op ernstige wijze de privacy van een burger, of een groep burgers schaadt, dan wordt dit in de wetgeving als een misdaad aangemerkt. De burger moet in staat zijn in een civiele procedure een dwangsom af te dwingen als zijn of haar privacy door nalatigheid of intentioneel wordt geschonden. In alle gevallen is de schender van privacy aansprakelijk voor de juridische kosten van de procedure.
 
1.3 Biometrische gegevens van personen (vingerafdruk, DNA-gegevens, irisscan, etc.) komen te vallen onder de lichamelijke integriteit. Noodzakelijke opslag van deze gegevens moet decentraal plaatsvinden, streng gecontroleerd en gereguleerd worden. Verspreiding van deze persoonsgegevens zonder toestemming van de persoon blijft verboden. 
Steeds meer biometrische gegevens zijn beschikbaar. Ze zijn onderdeel van de  identiteit van mensen en zeer privacygevoelig. Biometrische gegevens kunnen bijvoorbeeld zeer persoonlijke medische gegevens bevatten en ze kunnen worden gebruikt bij identificatie van personen. Als deze gegevens in verkeerde handen terecht komen, lopen mensen bijvoorbeeld het risico vals beschuldigd te worden van een strafbaar feit. Mensen kunnen ook tegen hun wil met (een verhoogd risico op) ziektes geconfronteerd worden en daaraan gekoppeld problemen krijgen met ziektekosten- of financiële verzekeringen. 
 
Wanneer justitie biometrische of genetische gegevens tot zijn beschikking heeft, wordt iedereen ten onrechte op voorhand een verdachte. De Piratenpartij wil om deze reden dan ook ook geen vingerafdrukkendatabase of DNA-gegevensopslag van burgers. Noodzakelijke opslag beperkt zich dan tot opslag die met toestemming van de burger plaatsvindt, bijvoorbeeld voor medisch gebruik of beveiliging. Voor burgers die verdacht worden van een misdrijf, is opslag van biometrische gegevens, met toestemming van een rechtercommissaris, mogelijk zolang die verdenking duurt en met daarbij de garantie dat die biometrische gegevens uit alle systemen verwijderd worden als de verdachte wordt vrijgesproken. 
 
1.4 Het briefgeheim, zoals vastgelegd in de grondwet, wordt gerespecteerd. Het aftappen van telefoon- en internetverkeer is enkel geoorloofd indien hiertoe een gerechtelijk bevel bestaat.
De Nederlandse overheid heeft in de grondwet het briefgeheim gegarandeerd en mag dit recht alleen in ernstige gevallen, als de veiligheid van burgers en/of de staat in het geding is, schenden. Deze schendingen van de persoonlijke integriteit dienen binnen redelijke termijn bekend te worden gemaakt. Dit gebeurt in de huidige dagelijkse praktijk te weinig. Er moet maximale openheid gegeven worden over alle gebruikte opsporingsmethoden. Ernstige en frivole schendingen van private communicatie, en met name misbruik van die schending, wordt een misdrijf.
 
1.5 Het versleutelen van gegevens is een burgerrecht. Er mag geen verbod komen op het versleutelen van gegevens of encryptiesoftware. Men kan niet verplicht worden tot het vrijgeven van de encryptiesleutel.
Het recht op het versleutelen van gegevens is onderdeel van het recht op privacy. Iedere computer op het internet die een pakketje ontvangt en doorstuurt kan die pakketjes openen. Gebruik van een versleutelde verzending maakt het verzenden van gegevens relatief veilig. 
 
1.6 Verbod op bewaren van telefoon- en internetverkeersgegevens. Bedrijven mogen telefoon- en internetverkeersgegevens alleen op eigen initiatief  opslaan wanneer en voor zo lang dat voor technisch beheer en facturering nodig is. Ze mogen de gegevens uitsluitend voor die doelen gebruiken. 
Telefoon- en internetverkeersgegevens zijn privacygevoelige gegevens die niet onnodig bewaard mogen worden. Het standaard registreren van telefoon- en internetverkeersgegevens maakt van elke burger een potentiële verdachte. Alleen op verzoek van de klant mag een registratie - enkel voor gebruik door die klant - worden bijgehouden. Het opslaan van deze gegevens is in strijd met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, artikel 8. Alle wetten, regels en richtlijnen die zulke opslag alsnog zouden verplichten, moeten om die reden ongeldig worden  geacht. 
 
1.7 Het recht om zonder identificatiebewijs over straat te gaan. Identificatieplicht is enkel van toepassing op personen die concreet verdacht worden van een strafbaar feit. Zij moeten zich enkel identificeren na toetsing van de verdenking door een rechtercommissaris.
Het recht om anoniem over straat te gaan is van essentieel belang voor een rechtstaat. Het maakt de openbare ruimte, waarin burgers elkaar kunnen ontmoeten, vrij. Wanneer de overheid, zonder een direct tot de persoon herleidbare aanleiding, identificatie mag eisen, komt het recht op vrije vergadering in het geding. Wanneer iemand verdacht wordt van een strafbaar feit mag de politie om identificatie vragen. De burger is dan niet verplicht zich te identificeren. Wanneer er sprake is van een door de rechter aangewezen tijdelijk risicogebied, mag iemand die zich niet identificeert de toegang tot dat gebied ontzegd worden. Er moet dan ter plekke een juridische toetsing op redelijkheid en billijkheid mogelijk moet zijn.
 
1.8 Fouilleren in de openbare ruimte is verboden tenzij personen concreet verdacht worden van het plegen van een strafbaar feit of wanneer de rechter, afgaande op een veiligheidsanalyse, een locatie en tijd heeft aangewezen waarop iedereen preventief gefouilleerd moet kunnen worden.
Fouilleren is een aantasting van de menselijke integriteit en privacy, die niet zonder zeer zwaarwegende redenen mag worden toegestaan. Een rechter kan het, op basis van een veiligheidsanalyse, noodzakelijk achten dat er preventief gefouilleerd wordt en daar toestemming voor geven. 
 
1.9 Cameratoezicht in de openbare ruimte mag door overheden alleen gebruikt worden in door de rechter tijdelijk aangewezen risicogebieden. Lukrake uitbreiding van cameratoezicht in de openbare ruimte moet worden gestopt. Cameratoezicht voor objectbeveiliging blijft toegestaan, mits camerabeelden intern blijven en binnen een voor beveiligingsdoeleinden billijke termijn verwijderd worden.
Cameratoezicht kan zinnig zijn, maar moet door de rechter worden gecontroleerd beperkt blijven tot situaties waarin het absoluut noodzakelijk wordt geacht. In overleg zullen criteria worden opgesteld over de voorwaarden waaronder cameratoezicht voor objectbeveiliging mag worden gebruikt. Videobeelden worden standaard binnen een voor beveiligingsdoeleinden billijke termijn verwijderd. Alleen wanneer de beelden een strafbaar feit bevatten mogen ze in het belang van onderzoek en rechtsgang langer bewaard worden. Het gebruik van camera's die massaal de migratie van burgers registreren moet zo snel mogelijk stoppen.
 
1.10 Grondige re-evaluatie en strengere richtlijnen aanwijzing overlast-/risicogebieden.
De overheid heeft een beleid waarin zeer ruime overlastgebieden worden aangewezen, vaak zonder goed onderbouwde overwegingen. Gebieden waar ordeverstoringen mogelijk kunnen plaatsvinden, moeten door middel van veel strengere criteria worden aangewezen. 
 
1.11 Privacybeleid van bedrijven, de Staat en overige organisaties wordt aangescherpt en gehandhaafd.
Waakhonden zoals het CBP en de OPTA moeten scherpere tanden krijgen. Sancties mogen in geen geval een ingecalculeerd bedrijfsrisico zijn. Het doelbewust incalculeren van sancties van CBP, OPTA of dergelijke, moet strafbaar worden gesteld. Hierbij stellen wij de aandeelhouders aansprakelijk of, als deze er niet zijn, de eigenaar.
 
1.12 Databases met naar een persoon herleidbare gegevens moeten voldoende beveiligd worden en direct afgesloten kunnen worden bij het constateren van een lek.
Een lek in een database met naar een persoon herleidbare gegevens kan ertoe leiden dat deze gegevens in andermans handen komen. Omdat eenmaal gelekte gegevens door het internet tot oneindige openbaarheid leiden, zijn de risico’s van lekken veel groter geworden. En omdat computers deze gegevens onbeperkt aan elkaar kunnen koppelen, zijn de gevolgen ook bij op het eerste gezicht onschadelijke informatie niet te overzien. Wanneer een database bij het constateren van een lek direct afgesloten kan worden, worden de naar een persoon herleidbare gegevens beschermd.
 
1.13 Sociaal zijn is een recht, en moet niet ten koste gaan van je privacy. Ook niet ten aanzien van de overheid.
Het recht op privacy geldt ook op sociale netwerken. Dit houdt in dat overheidsdiensten geen koppelingen dienen te maken met gegevens op sociale netwerken die daar niet met die intentie geplaatst zijn.
 
2 Vertrouwelijke gegevens moeten veiliger worden opgeslagen en zorgvuldiger worden gebruikt
 
Vertrouwelijke informatie bestaat en moet blijven bestaan. Omdat via het internet informatie snel en vrij verspreid kan worden, wordt het belangrijker om vertrouwelijke informatie veilig op te slaan en zorgvuldig te gebruiken. 
 
Vroeger waren de gevolgen te overzien als één iemand ten onrechte vertrouwelijke informatie in handen kreeg. De kans dat deze vervolgens via kranten kon worden verspreid was klein, dus werd er wettelijk gezien slechts rekening gehouden met een klein verlies voor het slachtoffer. In het internettijdperk kan één persoon die verkeerd omgaat met vertrouwelijke informatie, onherstelbare schade aanrichten. Daarom kan het belang van het veilig opslaan en het zorgvuldig behandelen van vertrouwelijke informatie niet genoeg benadrukt worden. 
 
2.1 Informatie over personen mag slechts worden opgeslagen en gebruikt voor een vooraf bepaald, specifiek, acceptabel, realistisch, tijdsgebonden en concreet doel. Wordt dit doel verruimd, dan worden de gegevens die eerder waren opgeslagen vernietigd (volgens het vertrouwensbeginsel van de overheid). Zonder wettelijke grondslag moet een organisatie voor het opslaan en verwerken van informatie over personen expliciete toestemming van de betreffende personen hebben.
Door regels op te stellen rondom de opslag en het gebruik van informatie wordt voorkomen dat gegevens worden verzameld met toestemming van de burger, die vervolgens voor andere doeleinden worden gebruikt. Als deze regel niet in acht wordt genomen, mag iedere burger opslag van zijn gegevens weigeren.
 
2.2 Meldingsplicht datalekken voor de verantwoordelijke van de database. 
Er moet een algemene meldingsplicht komen voor datalekken, zodat er inzicht ontstaat in de veiligheid van gegevens. Op deze manier kan ook de ernst van problemen worden vastgesteld. Een meldingsplicht werkt ook preventief; bedrijven, overheden en instellingen zullen meer zorg besteden aan het ontwerp en de beveiliging van hun systemen, omdat ze veel meer in de kijker lopen als er een lek opduikt.
 
2.3 Geen onnodige koppeling tussen databases met vertrouwelijke gegevens.
Het koppelen van databases maakt het mogelijk informatie te combineren en vertrouwelijke gegevens te verspreiden. De mogelijkheden om vertrouwelijke informatie onderling te combineren moeten worden geminimaliseerd. Hoe meer koppeling van informatie er immers plaatsvindt, hoe groter de kans wordt dat de privacy van de burger wordt geschonden. 
 
2.4 Bij databases met gevoelige gegevens moet veiligheid in het ontwerp worden ingebouwd, niet in het vertrouwen in de gebruikers noch in de afschrikkende werking van straffen.
Door veiligheid in het ontwerp te integreren, wordt voorkomen dat de burger erop moet vertrouwen dat het systeem niet anders gebruikt wordt. Met een juist ontwerp kan een systeem namelijk niet anders gebruikt worden. Vertrouwen in de gebruikers en het opleggen van boetes en straffen werken wel om de schaal waarop dingen fout gaan te beperken, maar niet om te voorkomen dat dingen fout gaan. 
 
2.5 Veiligheid wordt gegarandeerd door de techniek en de procedures zelf, niet door de geheimhouding van die techniek of procedure.
De techniek en procedures moeten veilig zijn. Ook geheimhouding van die techniek of procedure zelf kan leiden tot minder inbraken, maar dat is niet voldoende. De openbaarmaking van de techniek of procedure die gebruikt wordt voor de geheimhouding leidt tot de hoogste mate van toetsing. 
 
2.6 Bedrijven en overheden dienen persoonsgegevens voor zover mogelijk geanonimiseerd op te slaan. Wanneer dat niet mogelijk is, dienen de gegevens zo mogelijk gepseudonimiseerd opgeslagen te worden. 
Door gegevens te anonimiseren, of wanneer dat niet kan te pseudonimiseren, wordt het risico op privacylekken geminimaliseerd.
 
2.7 Dataminimalisatie moet de standaard zijn voor het afhandelen van gegevens.
Informatie en meta-informatie die over personen ingewonnen wordt, of die uit levering van bepaalde diensten of producten direct of indirect afgeleid kan worden, mag alleen bewaard of opgeslagen worden zolang dat direct nuttig is voor het leveren van de betreffende dienst of het betreffende product. Informatie die direct aan een persoon te binden is, is extreem gevoelig en mag dus niet bewaard worden tenzij dat nodig is voor de geleverde dienst.
 
2.8 Informatie wordt waar mogelijk decentraal opgeslagen.
Decentrale opslag van informatie en beperkingen op koppeling van databases kunnen er, samen met een open structuur van informatie en het opslaan van informatie bij de burger zelf, voor zorgen dat er minder mogelijkheden zijn om massaal informatie te combineren. 
 
3 Burgerrechten verdedigen in een informatiesamenleving
 
Burgerrechten zijn er om te garanderen dat een individu niet door zijn omgeving ‘opgeofferd’ wordt. Doordat de burgerrechten in grote delen van de wereld veel minder goed geregeld zijn dan in Nederland, ontstaat er in onze wereldwijde informatiesamenleving een spanning tussen specifieke doelen, burgerrechten en burgerplichten.
 
De steeds verdergaande verdeling van de macht tussen staten in de Europese Unie en wereldwijde verdragen raakt aan de kern van de staat. Burgerrechten die vroeger eenvoudig lokaal konden worden gehanteerd, raken versnipperd. Enerzijds komt dit doordat de burger zich via internet en fysieke reizen steeds vaker en sneller beweegt tussen landen en werelddelen. Anderzijds speelt ook het feit dat staten steeds meer macht delegeren of afstaan aan andere organisaties met specifieke doelstellingen een grote rol in deze versnippering. 
 
Burgerrechten vormen het fundament van een rechtvaardige democratie. Tegelijkertijd overlappen ze door internationale ontwikkelingen steeds vaker met andere rechten en wetten. Om deze reden moet de Nederlandse overheid, juist ook in internationaal verband, de hoogste standaard van burgerrechten verdedigen. Het beperken van onze en andermans burgerrechten door nationale of internationale ontwikkelingen of verdragen, is uit den boze. Dat betekent niet dat in Nederland aan burgerrechten geen burgerplichten gekoppeld zijn.
 
Het recht op leven in een rechtstaat als fundament van democratie.
Het recht op privacy.
Het recht onschuldig te zijn tot dat schuld door een onafhankelijke rechter is bewezen.
Het recht om in morele en fysieke integriteit te leven.
Het recht op toegang tot internet en vrije communicatie.
Het recht op vrijheid van meningsvorming en meningsuiting.
Het recht niet gediscrimineerd te worden.
Het recht op onderwijs tot op het hoogste onderwijsniveau.
 
3.1 Huwelijk is een door de Staat erkende verbintenis tussen mensen en mag niet discrimineren.
Het is voor de Piratenpartij vanzelfsprekend dat het huwelijk valt onder de bescherming van het recht niet gediscrimineerd te worden (met name op sexe, in deze).
 
3.2 Zelfbeschikking is een recht, en mag niet zonder goede reden ontnomen worden.
Als samenleving moeten we staan voor het zelfbeschikkingsrecht, door ons te realiseren, en uit te dragen dat: "Mijn lichaam is geen staatseigendom". Alle beperkingen van dit recht moeten daarom aantoonbaar redelijk zijn en vooral dienen ter ondersteuning van de burger zelf. Toerekeningsvatbaarheid is in deze wel een vereiste. Een aantal voorbeelden die wij steunen en/of willen realiseren:
De keuze van de moeder om al dan niet een abortus te ondergaan
Legalisering van drugsgebruik
Het recht om voor euthanasie te kiezen 
 
4 Overheid open en inzichtelijk maken
 
Daar waar macht is, dient deze gecontroleerd te worden. Overheden hebben macht van de burgers gekregen en horen die macht in het belang van die burgers aan te wenden. Gegevens van de overheid behoren bovendien in de grond toe aan burgers. Om deze twee redenen hebben burgers het recht op inzage van alle overheidsdocumenten. Dit is nu beperkt geregeld via de Wet Openbaarheid van Bestuur (WOB). Door het internet is het eenvoudiger geworden deze informatie ook zonder verzoek van een burger te publiceren (met uitzondering van vertrouwelijke gegevens en informatie waarbij de staat door publicatie gevaar loopt). Wanneer de overheid ten onrechte informatie achterhoudt, zijn klokkenluiders broodnodig. Hun positie moet dan ook goed beschermd worden.
 
Informatie van de overheid moet door iedereen te gebruiken zijn. Dat houdt in dat bijvoorbeeld de structuur en definities van haar gegevens voor iedereen vrij beschikbaar moeten zijn. Daarom moeten ook de standaarden waarin de overheid in- en extern communiceert open zijn.
 
Omdat verschillende overheden vaak dezelfde software nodig hebben, zijn het goede kandidaten om vrije software te gebruiken. Op die manier kunnen overheden hun processen efficiënter op elkaar afstemmen, elkaars investering samen delen en kan het openbaar bestuur in minder ontwikkelde landen een enorme sprong voorwaarts maken.
 
Mensen die namens de overheid een machtspositie bekleden, moeten logischerwijs verantwoording afleggen, niet alleen aan de overheid maar ook aan de burger. De door veel burgers als vriendjespolitiek beschouwde politieke setting, heeft veel vertrouwen (terug) te winnen met een werkelijke openheid en toegankelijkheid. 
 
4.1 Overheden publiceren alle informatie (met uitzondering van vertrouwelijke gegevens en informatie waarbij de staat door publicatie gevaar loopt) op een inzichtelijke manier online.
Het initiatief Nulpunt.nu (het systeem dat de WOB moet gaan vervangen) is een goede stap in de juiste richting en daarom hopen wij dat de volgende punten meegenomen worden in het ontwerp:
Uitgangspunt is dat alle overheidsdocumentatie gepubliceerd wordt.
De WOB wordt aangepast worden om uitzonderingen hierop duidelijk af te bakenen. 
Deze uitzonderingen moeten berusten op aantoonbare gegevens omtrent staatsveiligheid en gelijkwaardig toegepast worden op iedereen.
Deze documentatie is betaald door de burgers en daarom eigendom van de burgers: alle informatie moet uitgegeven worden onder een vrije licentie en dus voor iedereen vrij en onbeperkt bruikbaar zijn.
De documentatie mag ook voor commerciële doelen vrij gebruikt worden.
Semi-overheidsinstellingen en instellingen die de belangen van burgers behartigen dienen ook al hun documentatie op deze centrale plek te publiceren.
Het niet-publiceren van documentatie die niet onder de uitzonderingsregels vallen moet strafbaar worden. 
Het systeem geldt in dezelfde mate voor alle lagen van de overheid.
Er moet voorkomen worden dat foute politieke keuzes op een lager niveau worden afgestraft; door duidelijke richtlijnen op te stellen omtrent de documentatiestructuur moet steeds getraceerd kunnen worden waar politieke fouten begonnen zijn. 
Misbruik maken van het systeem om schuld af te schuiven moet strafbaar worden.
 
4.2 Het takenpakket van de Raad van State moet worden uitgebreid. 
In het verleden heeft het parlement bewezen geen oog te hebben voor grondrechten en kwaliteit van wetgeving.
Om het parlement in staat te stellen om tot een gewichtige besluitvorming te komen zal de Raad van State een kritisch advies geven over wetsvoorstellen in het kader van:
proportionaliteit / subsidiariteit
tegengaan van schending van grondrechten
effectiviteit
kwaliteit
De Tweede Kamer wordt op deze manier gedwongen besluitvorming beter te motiveren en politieke aansprakelijkheid helder af te bakenen.
 
 
4.3 Alle software die ontwikkeld wordt met publiek geld, dient als open source en met een vrije licentie vrijgegeven te worden en voor iedereen vrij bruikbaar te zijn
Wat mede met publiek geld gemaakt wordt, hoort voor iedereen vrij te gebruiken te zijn.
 
4.4 Ambtenaren die in naam van een gemeente of overheid taken uitvoeren moeten duidelijk identificeerbaar zijn.
Politie-agenten moeten bij aanhouding en/of arrestatie een visitekaartje overhandigen waar het dienstnummer zichtbaar op is vermeld. Ook moet het dienstnummer zichtbaar zijn op het uniform. 
Wanneer misbruik van een machtspositie niet naar een individu teruggebracht kan worden, is er geen controle meer mogelijk. Daarom is het nodig dat ambtenaren een duidelijk zichtbare identificatie-code dragen.
Misbruik van een machtspositie dient herleidbaar te zijn tot een individu. Om dat te verwezenlijken is het noodzakelijk dat ambtenaren identificeerbaar zijn, ook in uitgebrachte verslagen en rapportages.
 
4.5 Overheden schakelen waar mogelijk over op open-source software met vrije licenties. Waar dit niet mogelijk is stimuleren zij de ontwikkeling van open source software. 
Open source software is transparant en iedere partij mag deze software verbeteren of aanpassen. Door voor de ontwikkeling van nieuwe software eenmalig te betalen, komt voor anderen (waaronder de overheid zelf) dezelfde functionaliteit gratis beschikbaar. Dit zorgt voor grote besparingen en geeft overheden in minder ontwikkelde gebieden ook de mogelijkheid zich snel en zonder veel kosten te ontwikkelen.
 
4.6 Overheden doen geen zaken met bedrijven waaraan zij, door contractuele verplichtingen, na afloop van de geleverde diensten of producten nog steeds vastzitten (vendor lock-in).
Wanneer een overheid na een contract (im- of expliciet) nog aan een bedrijf vast zit, ontstaat er een oneerlijke concurrentie-situatie. Prijzen kunnen hoog gehouden worden en innovatie wordt geremd. De overheid dient dit soort constructies dus te mijden. Wanneer een overheid bij het verlopen van een contract nog geen mogelijkheid heeft een ‘open’ contract aan te gaan, moeten de kosten om na dat contract alsnog vrij te kunnen kiezen bij het aangaan van volgende contracten in de totale kosten meegerekend worden. 
Dan moeten wel de noodzakelijke maatregelen genomen worden om daarna een ‘open’ contract aan te kunnen gaan.
 
4.7 Overheden moeten, indien mogelijk, open formaten en open standaarden gebruiken.
Open formaten en standaarden zorgen ervoor dat iedereen gegevens vrij kan lezen en verwerken. Dit vergemakkelijkt het ICT-beleid binnen de overheid en maakt het voor derden makkelijker om een stukje software te ontwikkelen dat door de overheid gebruikt kan worden.
 
4.8 Bedrijven en organisaties die opdrachten voor overheden uitvoeren, publiceren hun gegevens in open formaten en maken gebruik van open standaarden en een vrije licentie.
De informatie die overheden inkopen moet voor iedereen toegankelijk zijn. De overheid moet vrij blijven van contractuele verplichtingen ten aanzien van bepaalde bedrijven en informatie moet steeds, ook vanuit minder gangbare platforms, toegankelijk zijn. Hierdoor wordt innovatie gestimuleerd. Software of softwarelicenties moeten geen drempel vormen om overheidsgegevens te kunnen inzien en gebruiken. 
 
4.9 Klokkenluiders moeten beter beschermd worden.
Daar waar organisaties of de overheid niet transparant werken, zijn klokkenluiders hard nodig. Zij fungeren als de ogen en oren van de samenleving. Daarom moeten ze beter beschermd worden wanneer ze voor de maatschappij opkomen en daardoor het risico lopen op persoonlijke schade.
Sommige klokkenluiders stellen ernstige maatschappelijke misstanden aan de kaak. De samenleving erkent de persoonlijke offers van deze klokkeluiders en als deze door het maken van hun offers financiële schade lijden, met name door het wegvallen van een billijk inkomen, dan vergoedt de overheid een deel van de geleden schade met het toekennen van een "klokkenluiders-uitkering".
Ingezetenen van Nederland worden niet meer meer uitgeleverd aan landen die het internationaal strafhof niet erkennen. Een eerlijke rechtsgang moet gegarandeerd kunnen worden voor iedereen.
 
5 Het delen van cultuur en informatie bevorderen, mede door het auteursrecht te hervormen.
 
Onze samenleving zou nooit mogelijk zijn geweest zonder de ontelbare ideeën, ontwerpen en culturele uitingen van alle mensen die ons voor zijn gegaan. We staan op de schouders van reuzen. Kinderen leren in een paar jaar tijd waar onze voorouders duizenden jaren over gedaan hebben. Deze ontwikkeling gaat, mede door het internet, steeds sneller. 
De essentie van cultuur is het delen van informatie, ontwerpen en ideeën. De samenleving heeft zich op deze manier kunnen ontwikkelen. Het auteursrecht werd ontworpen om dit te faciliteren. Nu, in een samenleving waarin iedereen toegang heeft tot internet, is het auteursrecht een belemmering voor het delen van informatie, ontwerpen en ideeën geworden. Daarom moet het auteursrecht worden hervormd.
Het uitgangspunt wordt weer: cultuur delen. Het auteursrecht moet tot haar commerciële essentie worden teruggebracht. Niet-commercieel gebruik wordt direct toegestaan en commercieel gebruik wordt beschermt om de auteur een redelijk termijn te geven voor het terugverdienen van zijn investering. Op de lange termijn moeten alle belemmeringen om creatieve werken te maken en te consumeren worden opgeheven.
 
5.1 Het delen van auteursrechtelijk beschermd materiaal is toegestaan voor niet-commercieel gebruik.
Het commercieel belang van auteursrecht is ondergeschikt aan de essentie van cultuur: het delen van informatie, ontwerpen en ideeën. Het internet faciliteert dit. Het vrij gebruik van informatie moet voorop staan als er geen sprake is van een winstoogmerk. 
 
5.2 Commercieel auteursrecht differentiëren naar toepassing en beperken in duur.
Het commercieel auteursrecht wordt beperkt tot een periode van maximaal vijf jaar. De one-size-fits-all benadering is niet meer te verdedigen, nu vele consumenten dagelijks auteur zijn en bijvoorbeeld een ingezonden brief in een krant op dezelfde manier beschermd wordt als een film, zonder dat daar enig commercieel nut tegenover staat. Elk type werk (film, roman, etc.) krijgt een naar type werk aangepaste termijn. Deze termijn wordt zodanig bepaald -en aangepast-  dat het werk zo snel mogelijk ook commercieel vrij beschikbaar komt en de sector zo snel mogelijk omschakelt naar nieuwe verdienmodellen. Waar mogelijk wordt op termijn ook commercieel auteursrecht afgeschaft. ‘Commercieel gebruik’ is ‘winst maken met auteursrechtelijk materiaal als kern van het verdienmodel’.
 
5.3 Overgangsmaatregel voor bestaande auteursrechten: oude auteursrechten blijven nog vijf jaar geldig.
Er komt een overgangsmaatregel voor de sector. Het auteursrecht voor commercieel gebruik blijft nog vijf jaar gelden voor auteursrechtelijk materiaal dat ouder is dan vijf jaar en volgens de oude wetgeving nog langer dan vijf jaar onder het auteursrecht zou vallen. Nederland erkent geen auteursrechtelijke claims uit buitenlandse jurisdicties die ouder zijn dan vijf jaar. 
 
5.4 Het combineren, veranderen en remixen van bestaand auteursrechtelijk beschermd materiaal (afgeleid werk) wordt toegestaan.
Het combineren, veranderen en remixen van bestaand werk bevordert cultuur, kunst en wetenschap. Creaties zijn altijd een mix van voorgaande creaties. Creatieve werken zijn nu ook al vaak geïnspireerd of gebaseerd op andere creaties en dat is stimulerend voor cultuur, kunst en wetenschap. Auteursrecht moet niet belemmerend werken. Wanneer er geen expliciet doel is om met auteursrechten van een ander geld te verdienen, moet het vrij gebruik van informatie voorop staan. Wanneer remixen gebeurt met een commercieel doel, moet dit mogelijk zijn tegen een billijke vergoeding. 
 
5.5 Bij het remixen of hergerbuiken van werken is bronvermelding verplicht wanneer een bronverwijzing beschikbaar is en de bron redelijkerwijs kan worden vermeld.
Door het verplichten van bronvermelding kunnen gebruikers de oorspronkelijke werken en hun makers vinden. Het oorspronkelijke werk en zijn maker krijgen op deze manier de erkenning die ze verdienen. Alle remix-creaties vermelden bronnen zoals dat in de wetenschap al gebruikelijk is. Bij hergebruik van werken wordt de bron van het oorspronkelijke werk vermeld. Als een bron anoniem wenst te blijven, is dit natuurlijk toegestaan.

5.6 Het gebruik en delen van verlaten werken (orphan works) wordt toegestaan.
Verlaten werken zijn werken die niet meer uitgegeven worden of anderzins commercieel geëxploiteerd worden. Wanneer de auteursrechthouder zijn commercieel auteursrecht niet meer actief uitoefent, mag iedereen het werk ook commercieel exploiteren. Kunst, cultuur en wetenschap mogen niet verstoffen.
 
5.7 Naburige rechten beperken. 
Naburige rechten kunnen alleen geclaimd worden wanneer een opname, registratie, vermenigvuldiging, uitzending of vertoning voor commercieel gebruik is. ‘Commercieel gebruik’ betekent ‘winst maken met naburige rechten als kern van het verdienmodel’. Naburige rechten zijn, net als de auteursrechten, ondergeschikt aan het recht cultuur, kunst en wetenschap te delen. Voor commercieel gebruik worden de termijnen, vergelijkbaar met het auteursrecht, gemaximaliseerd tot vijf jaar.
 
5.8 Het verwijzen of linken naar en het 'embedden' van al dan niet auteursrechtelijk beschermd materiaal wordt onder alle omstandigheden toegestaan. Dit is inclusief het op commerciële basis faciliteren van zoek- indexering- en/of bestandsdeling.
Het internet werkt op basis van deze functionaliteit. Wanneer hier onderscheid gemaakt zou worden tussen commercieel en niet-commercieel gebruik, komt de bruikbaarheid van het internet in gevaar.
 
5.9 Consumentenrechten moeten de burger beschermen tegen onredelijke restricties vanuit de entertainmentbranche. 'Digital Rights Management'- toepassingen die inbreuk maken op deze rechten worden verboden.
Door Digital Rights Management worden vrijheden die bij wet aan de burger zijn toegekend door een bedrijf ingeperkt. Niet bedrijven, maar overheden bepalen wat de burger met creatieve werken kan doen. DRM-toepassingen die inbreuk maken op deze rechten worden verboden. 
 
5.10 Er mogen geen bijzondere heffingen komen op communicatie, waaronder het internet.
Bijzondere heffingen op communicatie en informatie verhogen de drempel om te communiceren en informatie te delen. Informatie behoort vrij gedeeld te kunnen worden, heffingen zouden hier een belemmering voor zijn. Internet en communicatie moet zo vrij en laagdrempelig mogelijk zijn.
 
6 Het patentsysteem hervormen ter bevordering van innovatie en kennisdeling
 
Toen patenten werden ingevoerd bestonden er nog geen auto’s en geen internet. Koningen verleenden willekeurig alleenrechten. Vandaag de dag is de situatie in Nederland niet veel beter. De willekeur van de koning is verdwenen, maar er is op vrijwel alles een patent aan te vragen. Iedereen kan een patent aanvragen, de toetsing daarvan gebeurt pas nadat het patent verleend is en deze toetsing heeft geen invloed op de toekenning van het patent. Wie een patent vervolgens nietig wil laten verklaren, moet daarvoor zelf naar de rechter.
 
Patenten zijn bedoeld om innovatie te bevorderen. Nederland heeft van 1867 tot 1910 geen patentwetgeving gekend. Toch waren dit geen slechte tijden voor Nederland. Onder druk van het buitenland -Nederland werd een vrijbuitersstaat genoemd- werd in 1910 patentwetgeving ingevoerd. Tijdens de patentvrije periode konden ondernemers onbelemmerd hun bedrijf opbouwen. Zo zijn de gebroeders Philips in de patentvrije periode begonnen met de productie van gloeilampen en werd in Oss de margarinefabriek opgezet die later uitgroeide tot Unilever.
 
Op dit moment vindt een andere ontwikkeling plaats. Patenten worden steeds vaker geclaimd in niet-democratische landen als China. Nederland geeft door het erkennen van patenten aan die landen meer macht. De monopolies, die in het Westen al nauwelijks gecontroleerd worden, kunnen in dergelijke landen al helemaal niet gecontroleerd worden. Wanneer wij niet het voortouw nemen in het afschaffen van patenten, verliezen we niet alleen de democratische controle op innovatie maar komt de innovatie zelf onder druk te staan. 
 
Patenten werken innovatie tegen. Hoewel patenten helpen om de informatie over uitvindingen te openbaren, wordt het gebruik van die uitvindingen gemonopoliseerd. De Piratenpartij wil van die situatie af. Patenten worden in Nederland nu zonder controle op de nieuwheid toegekend. Het onderzoek naar de nieuwheid dat gedaan wordt heeft geen consequenties voor de toekenning van een patent. Vrijwel alles kan dus in Nederland gepatenteerd worden en de toekenning kan alleen achteraf bij de rechter worden aangevochten. Hierdoor worden patenten te gemakkelijk verleend en innovatie door anderen belemmerd. Bovendien wordt innovatie op deze manier bij de rechter bevochten in plaats van op de markt. Onze focus ligt dus ten eerste op het verhogen van de drempel tot het verlenen van patenten.
 
De informatiesamenleving maakt het mogelijk wereldwijd kennis en expertise te delen. Specialisten verspreid over de hele wereld kunnen samen werken aan onderzoek en uitvinding. Het afschermen van ontwikkeling in grote bedrijven werkt hierop averechts; idealiter wordt steeds op verschillende plekken aan dezelfde ontwikkelingen gewerkt. Het niet open delen van informatie frustreert dit proces. Daarnaast zijn gepatenteerde 'uitvindingen' in veel gevallen steeds minder nieuw. Grote bedrijven wisselen patenten uit, waardoor een selecte groep in staat wordt gesteld van bepaalde patenten gebruik te maken. Nieuwkomers worden door gebrek aan toegang tot bestaande patenten uit de markt gedrukt.
 
De Piratenpartij zou graag zien dat het stimuleren van innovatie en kennisdeling voorrang krijgt op het beschermen van bestaande uitvindingen.
 
6.1 Het huidige patentmodel is achterhaald en moet herzien worden.
Het aanvragen van patenten kan minder aantrekkelijk gemaakt worden door: 1) strenge voorwaarden te stellen aan de inhoudelijke beschrijving en de nieuwheid, 2) de aanvraag, het uitoefenen en het verlengen van patenten duurder te maken, 3) fiscale voordelen af te schaffen, 4) juridische kosten bij de patenthouder te leggen en 5) het misbruik van patenten en patentaanvragen aan te pakken. 6) Termijnen voor patenten te verkorten. Op internationaal niveau (desnoods eerst binnen een aantal verdragslanden) moet er ondertussen naar gestreefd worden dat patenten geheel worden afgeschaft.
 Anderzijds kan door subsidies en fiscale voordelen het delen van kennis bevorderd worden.
 
6.2 Patenten die innovaties belemmeren worden nietig verklaard.
Als patenten innovatie belemmeren, is er een fout gemaakt door het patentbureau of is er een ongewenste situatie ontstaan. Er komt een wet die rechters in staat stelt een gegeven patent niet alleen op basis van gebrek aan innovatie, maar ook op basis van een innovatiebelemmerend effect nietig te verklaren. Het aanvechten van een patent gebeurt op kosten van de patentverlenende instantie, die de ingeschatte kosten van procedures doorrekent in de patentkosten voor de patenthouder.
 
6.3 Patenthouders moeten het gebruik van hun patenten aan alle gebruikers onder gelijke regels toestaan.
Bevordering van innovatie is het doel van patenten. Wanneer bedrijven of organisaties patenten alléén voor zichzelf houden, wordt het publieke belang niet gediend. Het samen delen van innovatie versterkt alle partijen en daarom moeten patenthouders verplicht worden om gebruik tegen tegen redelijke en voor iedereen gelijke voorwaarden toe te staan. 
 
6.4 Medische patenten kosten levens, maken de zorg onbetaalbaar en moeten om die redenen worden afgeschaft.
Patenten op farmaceutische producten en medische behandelingsmethoden veroorzaken monopolies, die op hun beurt leiden tot inefficiënte marktwerking. De prijs van medicijnen en behandelingen is hierdoor vaak onevenredig hoog in vergelijking met de ontwikkelings- en productiekosten. Bovendien bemoeilijken dit soort monopolies sturing van medische onderzoeksprocessen vanuit de maatschappij. De Piratenpartij schaft patenten op farmaceutische producten en medische behandelingsmethoden met voorrang af. Zo wordt het mogelijk publieke middelen te besparen en tegelijkertijd meer geld te besteden aan door het publiek gewenste medische research.
 
6.5 Biopatenten monopoliseren de natuur en worden afgeschaft.
DNA, zaden, geuren, kleuren, chemische stoffen, soorten, levende wezens en delen daarvan (zoals cellen of organen), inclusief modificaties daarvan kunnen niet gepatenteerd worden. Zij zijn onderdeel van de natuur. Monopolies op onderdelen van de natuur zijn ongewenst. De Nederlandse overheid zal werken aan het afschaffen van alle patenten op natuurlijke materialen en fenomenen. 
 
6.6 Softwarepatenten remmen innovatie en worden niet ingevoerd.
Software is bij uitstek een gebied waarin innovatie in kleine stappen plaatsvindt. Juist hier kan direct geprofiteerd worden van het afschaffen van patenten. Het patenteren van (delen van) processen en interfaces belemmert de ontwikkeling van innovaties op die processen en interfaces, omdat die ontwikkelingen juist gebaseerd zijn op het combineren en aanvullen ervan. Wanneer onderdelen niet met andere onderdelen gecombineerd kunnen worden, stopt de ontwikkeling of wordt deze sterk vertraagd.
 
6.7 Businesspatenten remmen innovatie en worden niet ingevoerd.
Methoden om zaken te doen zijn bij uitstek een gebied waarin innovatie in kleine stappen plaats vindt. Ook hier kan direct geprofiteerd worden van het afschaffen van patenten. Business-methoden moeten niet gemonopoliseerd kunnen worden. De ontwikkeling en verbetering van methoden om zaken te doen wordt erdoor vertraagd en business-patenten belemmeren de algemene welvaart. Administratieprocessen, klantprocessen en dergeljike mogen daarom ook niet gemonopoliseerd worden.
 
6.8 MKB ondernemers kunnen innoveren en verkopen binnen Nederland, ongehinderd door patenten.
Innovatie vindt voor een belangrijk gedeelte plaats bij kleinere bedrijven die een sterke focus hebben op ontwikkeling. Deze bedrijven moeten worden gestimuleerd in wat ze doen; patenten mogen geen belemmering vormen voor deze innovatie.
 
7 Merkenrecht moet slechts ter identificatie van de producent dienen
Merkenrecht is primair bedoeld om producten herkenbaar te maken voor de consument. Consumentenbescherming moet dan ook de enige functie van het merkenrecht zijn.
 
7.1 Merkenrecht is bedoeld als consumentenbescherming, nergens anders voor.
Het primaire doel van merkenrecht is productherkenning. 
 
7.2 Auteursrecht mag niet misbruikt worden voor merkenregistratie.
Merkenregistratie moet alléén mogelijk zijn onder het merkenrecht. Het auteursrecht monopoliseert cultuur en mag daarom niet van toepassing worden geacht op merken en merkenregistratie. 
 
7.3 Parallelle import buiten de distributiekanalen van de rechtenhouder om wordt toegestaan.
Producten die in verschillende landen tegen andere prijzen worden verkocht, mogen gewoon vanuit de hele wereld geïmporteerd worden.
 
8 Vrijheid van informatie
Informatie, ontwerpen en ideeën moeten vrij toegankelijk zijn. Daardoor kan deze informatie optimaal door mensen benut worden. Alle beperkingen in die vrije stroom van informatie moeten worden verwijderd. Gedegen onderwijs stelt burgers in staat onderscheid te maken tussen waardevolle en niet-waardevolle informatie.
 
8.1 Vrije en ongecensureerde internettoegang is een burgerrecht.
Internet is diep geworteld in de maatschappij: sociale netwerken, actualiteiten, culturele uitwisselingen en thuiswerkende mensen kunnen niet meer zonder. Burgers de toegang ontzeggen tot het internet is vergelijkbaar met burgers uitsluiten van de maatschappij. Eenieder heeft recht op vergadering en informatievergaring. Vrije en ongecensureerde internettoegang moet daarom een recht zijn van iedere burger. Geen enkele burger mag een internetverbinding worden ontzegd of worden geweigerd. Ook hebben burgers het recht onderling- zonder tussenkomst van anderen- internetverbindingen tot stand te brengen.
 
8.2 Internet mag niet onderworpen worden aan censuur.
Filters die verplicht worden toegepast op internetverbindingen worden verboden. Filters die expliciet zijn aangevraagd door consumenten, bijvoorbeeld om minderjarigen te beschermen voor bepaalde inhoud, blijven mogelijk. Hierbij blijft de keuze omtrent het al dan niet filteren van inhoud expliciet liggen bij de burger, niet bij de overheid.
 
8.3 Netwerkneutraliteit wordt verplicht gesteld.
De nieuwe telecommunicatiewet is een stap in de goede richting. Handhaving van deze wet dient een van de prioriteiten te zijn van het Agentschap Telecom. Alle verkeersgegevens wordt onder gelijke omstandigheden door internetproviders gelijk behandeld. Het blokkeren of juist voorrang geven aan bepaalde aanbieders van diensten op het internet discrimineert diensten op het internet en is om die reden verboden. Voorrang voor bepaalde typen verkeer waarvoor dat technisch noodzakelijk is (QoS) blijft mogelijk onder strikte voorwaarden. De Nederlandse overheid maakt zich sterk om dit ook in Europees verband wettelijk te regelen.
 
8.4 Het ecosysteem van het internet moet beschermd worden.
Het internet heeft in de jaren '90 een grote sprong gemaakt en heeft sindsdien een ongelimiteerd karakter gekregen. Diensten zullen op termijn steeds minder in verbruikt dataverkeer worden afgerekend. Een decentraal en ongelimiteerd karakter stimuleert de groei van het internet het beste en moet daarom beschermd worden.
 
8.5 Draadloos en bedraad internet moet voor iedereen overal beschikbaar zijn.
Op Nederlands grondgebied moet een zo groot mogelijke dekking zijn voor het internet. Daar waar dekking niet aanwezig is op plaatsen waar dit duidelijk wel gewenst is, faciliteert de overheid het aanleggen van bedraad of draadloos internet.
 
9 Veiligheid
 
Veiligheid is een recht. Wie zich niet veilig voelt, kan zich niet vrij gedragen. In de informatiesamenleving zijn we afhankelijk geworden van het internet. Daar waar veiligheid nu via het internet wordt aangeboden, moet ze ook daar beschermd worden. De overheid én de burger zijn verantwoordelijk voor veiligheid. Tegelijkertijd is veiligheid een relatief begrip. Wie te veel veiligheid via de overheid wil waarborgen, verliest daardoor ook veiligheid als burger tegenover de overheid.
 
9.1 Effectiviteit moet centraal staan bij het bevorderen van veiligheid en het bestrijden van criminaliteit (en dus ook terrorisme). 
Excessieve maatregelen om bepaalde minimale veiligheidsrisico's in te perken worden heroverwogen. Bestaande procedures om veiligheidsmaatregelen te nemen, moeten worden bekeken vanuit rationele overwegingen en inschattingen. Angst mag geen drijfveer zijn om risico te analyseren, dit moet door middel van gecalculeerde analyses.
 
9.2 Speciale terrorismewetgeving wordt afgeschaft. Misdaad is misdaad.
Het woord terrorisme is afgeleid van het Latijnse 'terror', wat 'paniek' betekent. Terrorisme kan dus letterlijk vertaald worden als 'paniekisme'. Wetgeving moet worden aangenomen op basis van ratio en niet op basis van onkritische angstgevoelens. Huidige strafrechtelijke wetgeving is afdoende om 'terroristen' aan te pakken.
 
9.3 Internetstoringen mogen de samenleving en de economie niet ontwrichten.
De samenleving mag niet buitenspel worden gezet op het moment dat het internet (gedeeltelijk) niet meer functioneert. Internet is inherent ontworpen met het doel te kunnen blijven functioneren bij een gedeeltelijke uitval. Overheidsorganen moeten zorgen voor redundantie in verbindingen en apparatuur. Het blijft mogelijk dat het internet (vrijwel) geheel uitvalt door bijvoorbeeld (natuur)rampen of sabotage met elektromagnetische bommen. Er moet een strategisch plan komen dat de Nederlandse samenleving in staat stelt naar behoren te functioneren op het moment dat het internet uitvalt. Binnen overheid, zorg, financiële instellingen en andere essentiële organisaties moet regelmatig geoefend worden met scenario's waarin stroom- en netwerkvoorzieningen langdurig buiten gebruik zijn. 
 
10 Internationaal
De Piratenpartij is bij uitstek een internationaal georiënteerde partij. De Piratenpartij is actief in meer dan 68 landen. De informatiesamenleving is dan ook een globale samenleving die ook op globaal niveau beschermd moet worden.
 
Internationale overeenkomsten hebben vaak een grote ondemocratische potentie. Allerhande lobbygroepen hebben bijvoorbeeld vaak veel macht. Dit geldt voor de Europese Unie, maar ook voor internationale verdragen zoals die van de Wereld Handels Organisatie en de Verenigde Naties. Bovendien is het aanpassen van internationale handelsverdragen vaak een omslachtig en overmatig complexe aangelegenheid. De Piratenpartij zou graag zien dat er ook internationaal gestreefd wordt naa democratischere besluitvormingsstructuren waarover burger aktief geïnformeerd worden en waarbij ze consequent betrokken worden. 
 
Omdat niet al onze partijpunten op nationaal niveau gerealiseerd kunnen worden, hebben we een internationaal verbond met andere Piratenpartijen. Zo kunnen wij op mondiaal niveau met 1 programma als 1 partij campagne voeren. Dit betekent dat we ook op Europees niveau een gericht programma hebben dat namens alle meewerkende Piratenpartijen uitgevoerd zal worden.
 
10.1 Nederland pleit voor een nieuw verdrag voor vrije informatiesamenleving.
Nederland moet, zowel in Europa als wereldwijd, pleiten voor een verdrag dat het stimuleren van innovatie en het delen van informatie in een vrije informatiesamenleving regelt.
 
10.2 Internet is een internationaal, open en neutraal netwerk.
Een vrij internet mag niet ondergeschikt worden gemaakt aan nationale of militaire overwegingen.
Om nationalisering van het internet te voorkomen moet Nederland zich internationaal hard maken voor een uitbreiding en decentralisering van de internet-infrastructuur. Zo wordt het moeilijker voor één instantie om volledige controle over het internet te krijgen.
Fondsen die zijn toegewezen aan overheidsdiensten in het kader van "cyber-security" worden defensief ingezet, niet offensief.
Internationale "cyber security" verdragen zoals die met de Verenigde Staten worden opgezegd omdat deze een gevaar voor fundamentele rechten en het internet vormen.
RIPE te Amsterdam krijgt een beschermde status in de wet zodat het internet beter beschermd kan worden tegen politieke invloeden.
 
10.3 Verdragen waarin auteurs- en patentrecht geregeld zijn, zullen opnieuw worden geëvalueerd.
Nederland moet er op internationaal niveau voor pleiten dat alle verdragen waarin patentrecht zijn geregeld opnieuw geëvalueerd worden in het licht van de vrije informatiesamenleving.
 
10.4 Verdragen zoals het ACTA-verdrag zijn schadelijk voor de burger- en consumentenrechten en ondemocratisch. Ze mogen om die reden in geen enkele vorm aangenomen worden. 
Het ACTA-verdrag heeft als doel om auteursrecht, patentrecht en merkenrecht in de huidige vorm te handhaven en de handhaving strenger te maken. Landen die hier aan deelnemen worden daardoor beperkt in het vormgeven van een eigen beleid. Onderhandeling over het ACTA-verdrag heeft grotendeels achter gesloten deuren plaatsgevonden waardoor er nauwelijks democratische invloed mogelijk was. Het ACTA-verdrag druist lijnrecht in tegen de burgerrechten, overheidstransparantie, innovatie en creativiteit. Er moet om die reden voor gewaakt worden dat het verdrag, in deze of een licht aangepaste vorm, aangenomen wordt. 
 
10.5 Op Europees en wereldwijd niveau zal worden samengewerkt met andere Piratenpartijen.
Pirate Parties International is een organisatie in Brussel die als doel heeft internationale samenwerking met Piratenpartijen over de gehele wereld te bevorderen. Piratenpartij Nederland onderschrijft de 'Common Grounds', een aantal gezamenliijke uitganspunten van de PPI. Verdragen op Europees en internationaal   niveau worden samen met de PPI en nationale Piratenpartijen aangepast of afgeschaft waar nodig.
 
 
11 Onderwijs
 
Onderwijs is de basis van een informatiesamenleving. Via het onderwijs leren mensen hoe ze met de informatiesamenleving om kunnen gaan en welke waarde informatie heeft. Gedegen onderwijs helpt mensen een denkkader te ontwikkelen waarin nieuwe informatie ingepast kan worden. Zonder zulk onderwijs is informatie waardeloos.
Informatie werd vóór het internettijdperk voornamelijk geordend en gewaardeerd door professionals. Journalisten schreven in kranten en tijdschriften, wetenschappers publiceerden onder elkaar en redacteuren stelden een encyclopedie samen. In de informatiesamenleving moet iedereen informatie kunnen ordenen en waarderen. Iedereen is journalist, wetenschapper en redacteur. Dat vereist een brede algemene kennis die verder gaat dan de hoofdlijnen van het nieuws. Nieuws is dat wat afwijkt van het normale. Onderwijs leert ons wat normaal is, zodat we zelf kunnen beslissen of we ons aan willen passen of niet.
 
11.1 Onderwijs op alle onderwijsniveaus is een burgerrecht.
Onderwijs op alle onderwijsniveaus is een burgerrecht. Zonder onderwijs tot op het niveau dat iemand aankan kan een persoon bovendien niet optimaal functioneren in een informatiesamenleving. Iedereen die daarvoor de kwaliteiten en de wil heeft, moet van elk onderwijsniveau kunnen doorstromen naar een volgend niveau.
 
 
11.2 Iedere Nederlander moet over vrije toegang tot onderwijs beschikken, die niet gelimiteerd wordt door zijn/haar cultuur of economische achtergrond.
Burgers hebben fundamentele kennis en kunde nodig om in de informatiesamenleving te functioneren. Daarom moet iedere burger toegang hebben tot onderwijs, om zo actief mogelijk deel te kunnen nemen aan de vrije informatiesamenleving.
 
11.3 Onderwijs over omgaan met informatie.
In de vrije informatiesamenleving ligt er een grote nadruk op alle vormen van informatie. Daarom moet worden onderwezen wat informatie is, hoe je er mee omgaat, wat je er mee kan, en wat het verschil is tussen 'open', 'vertrouwelijke' en 'persoonlijke' informatie.
 
11.4 Toetsing van kennis moet los staan van verplichting om lessen te volgen.
Het volgen van lessen en het toetsen van kennis en vaardigheden zijn twee aparte zaken. Studenten moeten toetsen kunnen maken zonder het standaard onderwijs daarvoor te volgen. Lessen moeten als doel hebben de student te ondersteunen, zij dienen niet als aanwezigheidscontrole.
 
11.5 Leermaterialen moeten vrij toegankelijk zijn en -wanneer bekostigd door de overheid- onder een open licentie ontwikkeld en aangeboden worden.
Les- en leermaterialen moeten zoveel mogelijk vrij en online toegankelijk worden. Leermaterialen die worden bekostigd door de overheid moeten open ontwikkeld worden en vrij toegankelijk zijn. Op deze manier kan iedereen op de wereld ervan profiteren.
 
11.6 Colleges moeten online voor iedereen onder een vrije licentie beschikbaar zijn.
Colleges zijn mede met overheidsgeld betaald. Deze kennis moet zoveel mogelijk open en vrij toegankelijk zijn. Het beschikbaar maken van alle colleges biedt studenten flexibiliteit en niet-studenten toegang tot de mede met overheidsgeld betaalde colleges. Het online beschikbaar stellen van colleges maakt het voor studenten bovendien mogelijk vooraf de kwaliteit van een collegereeks of docent te  bepalen en colleges bij andere instellingen te volgen.
 
11.7 Onderwijsomgevingen worden met open source software ontwikkeld.
Het ontwikkelen en delen van open source software, bedoeld voor onderwijs, maakt de ontwikkeling van onderwijsomgevingen efficiënter, stimuleert samenwerking tussen onderwijsinstellingen en verhoogt op den duur de kwaliteit van het onderwijs. Iedere onderwijsinstelling in de wereld kan van deze softwareontwikkeling profiteren en helpen deze verder te ontwikkelen.
 
12 Wetenschap
 
De wetenschap is één van de ankers van een optimaal functionerende democratie. Wetenschap dient daarom onafhankelijk zijn en geen taboes kennen. Ook moet de kennis en expertise van wetenschappers voor iedereen toegankelijk zijn. Juist dan levert wetenschap een maatschappelijke meerwaarde op. Wetenschap vertegenwoordigt een waarde en is een doel op zich.
Wetenschap moet niet door de economie en de politiek gestuurd worden. Het vertrouwen in wetenschappers neemt af wanneer zij politieke of economische belangen vertegenwoordigen. De wetenschap moet onafhankelijk en transparant zijn. De Piratenpartij wil daarom alle ruwe wetenschappelijke data publiceren en alle wetenschappelijke publicaties vrij toegankelijk maken. Met publieke middelen gefinancierde wetenschap moet gratis toegankelijk zijn.
 
12.1 Kennis die mede door publieke financiering tot stand is gekomen op universiteiten en andere instellingen, is open en patentvrij en moet kosteloos en vrij toegankelijk zijn.
Wat (mede) met publiek geld gefinancierd is, moet voor iedereen open en vrij toegankelijk zijn. Op deze kennis, en alles wat eruit voortkomt, kan geen monopolie in de vorm van een patent worden verleend.
 
12.2 Alle wetenschappelijke artikelen worden in een open formaat en vrij toegankelijk gepubliceerd, inclusief alle ruwe data.
Wetenschappelijke artikelen stijgen in waarde naarmate ze vaker worden aangehaald in andere wetenschappelijke artikelen. Dit geldt ook voor hyperlinks, die op het internet verwijzen naar andere documenten (webpagina's). Door alle wetenschappelijke artikelen open en in een open formaat te publiceren, wordt kennis gemakkelijker gedeeld. Door de ruwe data die nodig zijn om het onderzoek te reproduceren ook te publiceren kunnen wetenschappelijke artikelen beter gecontroleerd worden. Bovendien kunnen de data ook voor ander onderzoek bruikbaar zijn. 
 
12.3 Peer-review in open source context wordt gefaciliteerd.
Wetenschappelijke artikelen worden nu vaak geplaatst in (beperkt toegankelijke) wetenschappelijke tijdschriften. Doordat deze tijdschriften een goede reputatie hebben, omdat collegawetenschappers de artikelen beoordelen, heeft publicatie in een (gesloten) wetenschappelijk tijdschrift grote waarde voor de wetenschapper. Om open publicatie te bevorderen moet peer-review in een open source context worden gefaciliteerd.
 
13 Ontwikkelingssamenwerking
 
De Piratenpartij wil alle mensen op de wereld gelijke kansen bieden om zich te ontplooien. Daarom moet informatie, kennis en expertise voor zover mogelijk met mensen in ontwikkelingslanden gedeeld worden. Niet de overheden in ontwikkelingslanden moeten centraal staan bij het bieden van ontwikkelingshulp, maar de mensen. Juist wanneer mensen de kans krijgen zich te ontwikkelen, zal een land zich ontwikkelen. Door de wereld van de ontwrichtende werking van patenten en auteursrechten te ontdoen, kan iedereen zich ontwikkelen. Mensen uit ontwikkelingslanden kunnen dan op gelijke voet met mensen uit ontwikkelde landen nieuwe ideeën delen en uitvoeren.
 
13.1 Onderdeel van beleid wordt het wereldwijd bevorderen van overdracht van technologische kennis. 
Verspreiding van technologische kennis door middel van open source geeft individuen de mogelijkheid om zélf met techniek bezig te zijn. Landen en mensen kunnen zich ontwikkelen door kennis over te nemen van landen die hier al veel verder mee zijn.
 
13.2 Onderdeel van beleid wordt het open en vrij delen van gegevens, informatie en kennis met ontwikkelingslanden.
Ontwikkelingssamenwerking kan worden gestimuleerd door kennisdeling. De inzichten die door de tijd zijn opgedaan, worden gedeeld met landen en mensen die hier belangstelling voor hebben.
 
13.3 Soepele regels voor gebruik gepatenteerde technologie.
In ontwikkelingslanden moeten gepatenteerde technologieën voor de ontwikkeling van het land en de bevolking zonder restricties gebruikt kunnen worden.
 
13.4 Bio- en farmaceutische patenten mogen -totdat ze zijn afgeschaft- geen onredelijke restricties opleggen aan ontwikkelingslanden.
Patenten drijven de prijs van medische middelen, zoals medicijnen, onnodig op. Burgers in ontwikkelingslanden kunnen hierdoor geen adequate toegang krijgen tot medische zorg.
 
13.5 Nederland biedt hulp voor vrije internettoegang aan burgers in landen waar vrije internettoegang niet gewaarborgd is.
Een vrij internet is in het belang van de burger, het faciliteert een vrije vergaring van informatie en vrije vergadering van mensen. Daarom is het belangrijk dat Nederland een pro-actieve houding aanneemt in de bescherming van een vrij internet, ook buiten het eigen grondgebied. Het internet is uitgegroeid tot de primaire vorm van internationale informatie-uitwisseling en dat moet zo blijven. Alle restricties die hier mogelijk zijn dienen door Nederland zo veel mogelijk omzeild te worden. 
Nederland dient eerst de hand in eigen boezem te steken met betrekking tot verstoren van delen van het internet, alvorens kritiek te uiten op het censuur-beleid van landen als Iran, China en Noord-Korea. Door enerzijds kritiek te leveren op het censuurbeleid van andere landen, maar anderzijds zelf een censuurbeleid te voeren dat deels gedicteerd wordt door het bedrijfsleven, straalt Nederland hypocrisie uit in de internationale gemeenschap.
 
14 Efficiënte overheid
 
De overheid functioneert inefficiënt. Centrale overheden vinden in elk land het wiel opnieuw uit. Bij decentrale overheden is de situatie zo mogelijk nog slechter. Door bij de invoering van wetten al rekening te houden met de uitvoering en implementatie kan veel dubbel werk bespaard worden. Door slimme combinaties te maken tussen open source wetgeving, open source software en open standaarden kan de overheid veel efficiënter werken. Ook internationaal kunnen overheden op deze manier gemakkelijk samenwerken.
 
14.1 Investeren in open source en open standaarden voor software zodat op termijn tijd en geld bespaard kan worden. 
Open source en open standaarden zijn een termijninvestering, die slechts éénmaal hoeft te worden gedaan. Dit in tegenstelling tot diensten of software die bij bedrijven moeten worden ingekocht en waarvoor jaarlijks licentiekosten moeten worden betaald.
 
14.2 De overheid biedt bij wetgeving en richtlijnen ook een voorbeeld voor uitwerking, die lagere gemeenten kunnen overnemen of aanpassen. Indien voor deze wetgeving ook software nodig is, wordt deze door de overheid meteen open source en met open standaarden ontwikkeld.
Door de regelgevende overheidsinstantie direct verantwoordelijk te maken voor (een eerste versie van) de uitwerking en de bijbehorende software, kunnen problemen worden voorkomen en wordt dubbel werk op een lager niveau  voorkomen.
 
14.3 Een bug-trackingsysteem voor bureaucratie en wetgeving faciliteert terugkoppeling van uitvoerenden omtrent wet- en regelgeving.
Er komt een systeem dat automatisch terugkoppelt wat er fout gaat op uitvoerend niveau, zodat snel aanpassingen op een hoger niveau kunnen worden gedaan. Een dergelijk systeem is vergelijkbaar met het bug-trackingsysteem dat op het internet gebruikt wordt.
 
14.4 Investeren in en faciliteren van open source en open standaarden voor materialen zodat op termijn veel tijd en geld bespaard kan worden.
De overheid moet de ontwikkeling van open source en open standaarden in de private sector faciliteren. Dit gebeurt bijvoorbeeld al bij stopcontacten. Er zijn veel meer voorbeelden van zaken waarbij een grotere marktefficiëntie kan optreden wanneer onderdelen open source en met een open standaard ontwikkeld worden. Ook ontwerpen van door de overheid gebruikte materialen, zoals bijvoorbeeld verkeersborden en lantaarnpalen, kunnen open source worden ontwikkeld.
 
14.5 Ambtenaren in een uitvoerende rol dienen neutraal te zijn en hun functie zonder persoonlijke 'rugzak' uit te voeren.
Iedereen heeft het recht om gelijk behandeld te worden. Daarom is het belangijk dat mensen die namens de overheid werken neutraal kunnen zijn en dat kunnen aantonen, onder andere door kleding of accessoires die een ideaal of mening vertonen niet zichtbaar te dragen. Dit geldt alleen voor ambtenaren waar redelijkerwijs neutraliteit van verwacht mag worden.
 
15 Ondernemerschap
 
Ondernemers moeten kunnen ondernemen. De Piratenpartij komt op voor ondernemende burgers. Die burgers moet zo min mogelijk in de weg gelegd worden. De overheid moet kleine ondernemers beschermen tegen machtsconcentraties van overheden en grote ondernemingen. Daar waar de overheid van MKB-ondernemers informatie vraagt, moet ze de daarvoor benodigde software open source en gratis aanbieden.
 
15.1 Midden- en kleinbedrijfondernemers (MKB) kunnen innoveren en verkopen binnen Nederland zonder last van patenten.
Innovatie vindt voor een belangrijk gedeelte plaats bij kleinere bedrijven die een sterke focus hebben op ontwikkeling. Deze bedrijven moeten gestimuleerd worden in wat ze doen, patenten mogen geen belemmering vormen. MKB-ondernemers moeten zich kunnen concentreren op innovatie, zonder dat ze zich zorgen hoeven maken over de de juridische kant van patenten.
 
15.2 Ontwikkeling van gratis open source software voor door de overheid gevraagde gegevens.
Organisaties, bedrijven en burgers kunnen efficiënter werken wanneer ze bijvoorbeeld open source boekhoudsoftware inclusief belastingregels gratis kunnen   downloaden en gebruiken. Dit zal op termijn ook schelen in de verwerkingskosten voor de overheid zelf.
 
15.3 Geen afdracht voor muziek luisteren of televisie kijken op het werk of in horeca.
Op het werk of in de horeca wordt muziek en televisie doorgaans niet als kern van het verdienmodel ten gehore gebracht. Het verplicht afdragen van gelden om muziek of video te vertonen op het werk of in de horeca moet worden afgeschaft.
 
15.4 Parallelle import buiten distributiekanalen van de rechtenhouder om wordt toegestaan.
Het merkenrecht moet niet inhouden dat de rechtenhouder op elke markt een  andere prijs mag bepalen. Een open markt door parallelle import komt een eerlijke marktwerking ten goede.
 
16 Mobiele telefonie en internet
 
Voor de Piratenpartij geldt: dataverkeer is dataverkeer. Er mag geen onderscheid gemaakt worden tussen verschillende soorten van dataverkeer. Telefonische data en sms, landsgrenzen en netwerkeigendom mogen geen rol spelen bij het optimaliseren van dataverkeer. Op en tussen alle netwerken wordt informatie-privacy gegarandeerd.
 
16.1 Mobiele communicatie wordt gelijkgesteld aan communicatie via Internet Service Providers (ISPs).
Bij mobiele communicatie is netneutraliteit, net als op het internet, belangrijk; mobiele communicatie wordt daarom gelijk gesteld aan iedere andere internetverbinding.
 
16.2 Gelijke prijs voor alle mobiele communicatie binnen de Europese Unie, inclusief Nederland. Geen grenzen op mobiel internet. 
Door alle mobiele communicatie op Europees niveau te beprijzen wordt samenwerking tussen netwerken bevorderd en Europa-wijde marktwerking mogelijk. Artificiële grenzen moeten waar mogelijk opgeheven worden.
 
16.3 Overheden en burgers krijgen de mogelijkheid zelf of in een publiek-private   samenwerking een huis-aan-huis glasvezelnetwerk aan te leggen.
Glasvezelnetwerken en andere netwerkvoorzieningen mogen niet als monopolie behandeld worden.
 
16.4 De overheid heeft een gerechtelijk bevel nodig om een mobiele telefoon te traceren of af te luisteren.
Het traceren en afluisteren van mobiele telefoons is een privacyschendende maatregel en daartoe mag niet door een bestuurder worden besloten. Een systeem vergelijkbaar met huiszoeking, waarbij een gerechterlijk bevel nodig is, wordt ingevoerd.
 
17 Verkeer en waterstaat
 
17.1 Anoniem reizen blijft in alle vormen mogelijk en mag geen extra geld kosten.
Privacybeperkende initiatieven als de OV-chipkaart mogen niet door negatieve stimulans aan de burger verkocht worden. Dat betekent dat het niet duurder mag zijn om met een papieren kaartje te reizen.
 
17.2 Het OV-chipkaart systeem is nog niet klaar voor gebruik, de strippenkaart moet teruggebracht worden totdat er een goed alternatief is.
Anoniem reizen moet te allen tijde kunnen. Men moet niet alleen een anonieme chipkaart kunnen kopen en gebruiken maar bijvoorbeeld ook reistegoed (bijvoorbeeld bij niet uitchecken) moet anoniem kunnen worden teruggevraagd. Fouten in het systeem moeten niet op de gebruikers afgeschoven worden, alleen op die manier zullen problemen efficient en tijdig afgehandeld worden. Dit betekent dat burgers op geen enkele manier belast mogen worden met mankementen in het systeem.
 
17.3 Thuiswerken en werken in de buurt wordt gestimuleerd.
De overheid moet thuiswerken, waar dat mogelijk en wenselijk is, stimuleren
 
18 Geld en banken
Er moet een solide back-upsysteem zijn voor het in stand houden van betalingsverkeer wanneer het internet uitvalt. Het betalingssysteem moet ook wanneer het internet uitvalt kunnen functioneren. Daarom moeten banken ervoor zorgen dat ze een back-upsysteem hebben dat bij uitval van internet in werking kan treden.
 
18.1 Zoveel mogelijk openheid over geldverkeer, geldcreatie en het financieel-economische systeem.
Rapportage van geldstromen dient niet enkel in financieel jargon te worden gegoten. Heldere, ondubbelzinnige en klare uitleg over hoe het geldsysteem werkt moet burgers in staat stellen inzicht te krijgen in financiële en economische zaken. 
 
18.2 Altijd mogelijkheid houden anoniem te betalen via contant geld en chipkaart.
Anonimiteit moet ook mogelijk zijn bij betalingen. Ook met plastic geld moet anoniem kunnen worden betaald, de verkoper hoeft niet te weten wíe er betaalt, het feit dát er betaald is, is voldoende. Betalen met contant geld moet mogelijk blijven en mag nooit meer kosten dan een betaling via pin, chip of creditcard.
 
18.3 Open informatie over fraude.
Daar waar fraude mogelijk is, moet openheid van informatie ervoor zorgen dat systemen en procedures veiliger worden. Hierdoor kunnen o.a. ambtenaren en werknemers hun gedrag waar dat nodig is aanpassen, om niet in het web van fraudeurs te komen.
 
18.4 Cryptocurrency biedt mooie kansen, en moet niet via een omweg verboden of gefrustreerd worden.
Alhoewel cryptocurrencies zoals bijvoorbeeld Bitcoin nog in de kinderschoenen staan, zien wij bij wetgevers dezelfde koudwatervrees als bij de opkomst van het internet en de PC. Het is zeer goed mogelijk dat cryptocurrencies op termijn een goede concurrent voor de financiele sector zullen worden. De cryptocurrencies hebben bovendien de potentie om miljarden te besparen. 
 
19 Energie
 
19.1 Energiemeters versturen alléén ruwe informatie naar leveranciers, waardoor de privacy van gebruikers niet geschonden kan worden.
Energiemeters meten gebruik per seconde maar geven deze geaggregeerde data zelfstandig per maand of kwartaal door aan de energiemaatschappij. Energiemaatschappijen en distributiebedrijven mogen niet zelf kastjes kunnen aansturen. Publicatie van de broncode van software in meetkastjes moet verplicht worden. 
 
19.2 Subsidies op het opwekken van energie met nieuwe energiebronnen, worden gegeven door patenten af te kopen en dus niet door de eindproducten te subsidiëren.
Wanneer de overheid met publiek geld het energie opwekken met nieuwe energiebronnen wil stimuleren, is de beste strategie om ervoor te zorgen dat iedereen goedkoper de producten kan maken en innoveren. Op elk eindproductsubsidie geven komt enkel de patenthouder ten goede. Door het patent af te kopen worden publieke middelen veel beter gebruikt en hebben ze een blijvend en ook internationaal effect.
 
19.3 Flexibele energieprijs zodat energiepieken en -dalen bij eindgebruikers kunnen worden opgevangen.
Door de energieprijs op het energienetwerk per seconde te bepalen, kan de energiemarkt op een lager niveau en exacter worden georganiseerd dan met een dag- en nachttarief. De informatie over energieschaarste bevordert innovatie doordat ook nieuwe energiebronnen -die niet onder alle omstandigheden dezelfde energie opwekken- efficiënt gebruikt kunnen worden. Huishoudens en bedrijven kunnen dan ook aanbieders van energie worden (centrale verwarming met electriciteitsopwekking) of hun vraag naar energie (opladen electrische auto) op prijs sturen. Bijvoorbeeld in de kasbouw kan de CO2-productie waarbij restenergie vrijkomt afgestemd worden op de pieken in de energievraag.
 
19.4 Afhankelijkheid van energie van niet-democratische staten afbouwen en stoppen hun overheden met energiegelden te subsidiëren.
Nederland moet de energiecontracten met niet-democratische staten afbouwen. Daarnaast moeten we ons richten op energieproductie in eigen land en bevriende democratische staten, door innovatie en gebruik van lokaal aanwezige hernieuwbare energiebronnen. Dit maakt ons zelfvoorzienender en voorkomt dat we via onze energiebetalingen regimes in ondemocratische landen steunen en daarmee de burgerrechten en informatievrijheid beperken.
 
19.5 Geen gepolariseerde discussie over "Kernenergie".
Wij zijn ons bewust van de gevaren die Plutonium en Uranium centrales voor de maatschapij vormen. De geldkraan voor onderzoek en ontwikkeling naar kernenergie mag echter niet gesloten worden. Onderzoek naar en ontwikkelingen in de richting van bijvoorbeeld Thorium-reactoren moeten serieus genomen worden. We moeten ons niet bang laten maken door de term "Kern-energie", zonder gedegen onderzoek naar de gevaren en baten kan men geen afgewogen beslissingen nemen.
 
20 Sociale netwerken
 
20.1 Sociale netwerken moeten de mogelijkheid bieden aan alle gebruikers om hun informatie en meta-informatie te verwijderen, ook in back-ups.
Om gebruikers te beschermen tegen het delen van privacygevoelige informatie, moeten ze van sociale netwerken de mogelijkheid krijgen hun informatie eenvoudig te verwijderen. Verwijdering van dergelijke informatie moet plaatsvinden in het gehele systeem, inclusief back-ups en aanverwante systemen en databases.
 
20.2 Tagging van foto's of andere privé informatie door anderen mag op netwerksites alleen met expliciete toestemming van de getagde persoon.
Gebruikers moeten zelf de controle hebben over wat er met hun privégegevens gebeurt. Het beschrijven van gegevens die in de privésfeer liggen, mag alleen na toestemming van de gebruiker. De Nederlandse overheid moet hiervoor wetgeving opstellen en haar invloed aanwenden om de gebruikers van sociale netwerken voor te lichten. Openbaarmaking van privefoto's of andere privégegevens moet niet tegen de wil van betrokken gebruikers plaatsvinden.
 
21 Media
 
Media en journalistiek zijn essentieel voor een goed werkende samenleving. De informatiesamenleving maakt het eenvoudiger voor mensen om zich te organiseren. Tegelijkertijd levert dit het risico op van groepen mensen die langs elkaar heen leven. Wie in een aparte groep wil leven, kan dat. Wie dat niet wil, moet ook bij de informatie van andere groepen kunnen.  Wanneer er voldoende mensen zijn die de brug vormen tussen verschillende groepen, wordt de samenleving daar sterker van.
Verschillende media (radio, televisie, kranten, tijdschriften) kunnen elkaar versterken en aanvullen op het internet. Die ontwikkeling moet gestimuleerd worden.
 
21.1 Materialen van bibliotheken en openbare collecties in Nederland worden gedigitaliseerd en gratis open toegankelijk gemaakt.
Het internet is de nieuwe bibliotheek. Waar vroeger de openbare bibliotheek als primaire informatiebron gebruikt werd, geldt dat nu voor het internet. Alle informatie in openbare bibliotheken moet gratis, vrij en toegankelijk beschikbaar worden gemaakt op het internet.
 
21.2 De publieke omroep wordt verplicht uit te zenden onder een vrije licentie, zodat ook commercieel hergebruik en remixen toegestaan is.
Wat met publieke middelen is betaald, moet ook vrij toegankelijk zijn. Het enorme archief van de publieke omroep kan een snelle stimulans tot hergebruik en remixen mogelijk maken.
 
21.5 Alle in Nederland toegankelijke radio en televisie moet via internet live en in archief beschikbaar zijn.
Internet wordt steeds meer de spil van onze informatie- en communicatievoorziening. Steeds meer mensen hebben geen abonnement op televisie, omdat internet praktischer en veel omvattender van aard is. Televisie die uitgezonden wordt in Nederland moet dan ook beschikbaar worden op het internet, zowel live als in downloadbaar formaat vanuit het archief.
 
21.6 De publieke omroep krijgt het recht op vrije, rechtstreekse verslaggeving, inclusief die van sport en andere evenementen zoals voetbalwedstrijden, concerten etcetera.
Iedereen betaalt voor de publieke omroep die onder andere de doelstelling heeft verslag te doen van wat er in Nederland gebeurt. De publieke omroep is geen commerciële activiteit en kan dus vrij opnamen maken van sport en andere evenementen en deze uitzenden. Naburige rechten gelden hier niet.
 
21.7 Het radiospectrum moet meer mogelijkheden tot vrije innovatie bieden.
In ieder stukje spectrum moet er een vrij deel bestaan voor openbaar gebruik. Zo zou bijvoorbeeld een van de UMTS frequenties gebruikt kunnen worden voor het experimenteren met MESH-netwerken, vergelijkbaar met hoe eerder het ooit innovatieve wifi is ontstaan. 
 
22 Voedsel
 
Voedsel is de basis van ons leven. Wat wij eten,  blijft in ons lichaam zitten en beïnvloedt onze gezondheid. Tegelijkertijd is voedsel een gigantische industrie met haar eigen belangen. Die belangen gaan niet altijd samen met die van de burger. De Piratenpartij wil geen patenten op gewassen, dieren en voedsel. Tegelijkertijd wil de Piratenpartij open informatie over wat bedrijven met en in het voedsel doen.
 
22.1 Geen patenten op gewassen, dieren en voedsel.
Niemand kan gewassen, dieren of voedsel monopoliseren. Het gebruik en de teelt van voedsel is een recht van ieder mens en mag niet exclusief worden   voorbehouden aan één bepaald bedrijf, organisatie of overheid. Ook de mogelijkheid (gemodificeerde) zaden en (gemodificeerde) genen te patenteren, wordt afgeschaft. Boeren mogen niet belemmerd worden in het telen van gewassen en het houden van vee.
 
 
22.2 Duidelijke etikettering en een, bijvoorbeeld door een mobiele telefoon bruikbare, tag die verwijst naar een internetlink met volledige herkomstinformatie online.
Heldere productinformatie en duidelijke etikettering is vooral bij voedsel heel belangrijk. Uitgebreide voedselinformatie kan op een heel bruikbare wijze worden getoond aan consumenten, door te verwijzen naar  een mobiel toegankelijke internetpagina. Voedselleveranciers worden verplicht gesteld deze informatie op eenduidige wijze op het internet te plaatsen en een link toe te voegen op etiketten van voedselproducten. Hierin wordt onder andere de productiegeschiedenis bekend gemaakt, waar elk van de ingrediënten vandaan komt en welke technologieën er gebruikt zijn. 
 
23 Volksgezondheid
 
Gezondheid wordt bereikt door gezond leven en goede medische zorg. De Piratenpartij staat voor keuzevrijheid in hoe je wilt leven. De overheid kan gezond gedrag wel stimuleren. In de voedingsindustrie gebeurt dit maar matig. Ook wordt er beperkt onderzoek naar gezond eten en leven gedaan omdat hier door de farmaceutische industrie weinig mee te verdienen is. Deze industrie zit ingeklemd tussen publiek gefinancierd wetenschappelijk onderzoek en verplichte verzekeringen die ook door de burger gefinancierd worden. Doordat de kosten van de gezondheidszorg sterker stijgen dan de economische groei wordt het nu direct noodzakelijk in de kosten van de gezondheidszorg in te grijpen. Dit doet de Piratenpartij door medische patenten af te schaffen.
 
23.1 Geen patenten op farmaceutische producten en medische behandelingsmethoden.
 
Patenten op farmaceutische producten en medische behandelingsmethoden veroorzaken monopolies, die op hun beurt leiden tot inefficiënte marktwerking. De kosten per pil of behandeling zijn enorm groot en de maatschappij kan het onderzoek naar medische technieken en medicijnen niet sturen. Door patenten op farmaceutische producten en medische behandelingsmethoden met voorrang af te schaffen, wordt het mogelijk bespaarde publieke middelen in te zetten op door het publiek gewenst onderzoek. 
 
23.2 Centrale opslag van medische informatie mag alleen gebeuren als deze opslag door de persoon zelf is aangevraagd (bijvoorbeeld voor allergieën).
Het Elektronisch Patiënten Dossier (centraal toegankelijke opslag voor medische gegevens van burgers) heeft het terecht niet gehaald. Om dergelijke constructies ook in de toekomst te voorkomen, moeten er duidelijkheid zijn rondom te beschermen gegevens. Medische informatie is alleen bedoeld voor de patiënt en de behandelend arts. Elke vorm van opslag van dergelijke informatie moet direct aan banden gelegd worden. Verzekeraars kunnen per verzoek zelf navraag doen over rechtmatigheid. Informatie die hierbij verkregen wordt moet na gebruik verwijderd worden. Commerciele intiatieven tot het vormen van EPD's moeten streng onder de loep genomen worden.
 
23.3 Negatieve stimulansen die leiden tot het opgeven van fundamentele rechten worden verboden.
Medische gegevens kunnen voor een verzekeraar een goudmijn zijn. Als een verzekeraar deze gegevens op mag vragen voor het aanbieden van bijvoorbeeld een lagere premie, dan is het goed mogelijk dat de prijs van privacy binnenkort onbetaalbaar zal worden.

 

Groups audience: 
Group content visibility: 
Use group defaults

Reacties

Door Vince (niet gecontroleerd) op

Als linux fanaat sta ik sterk achter deze standpunten :)
Een vraagje, zijn jullie van plan piraterij te bestrijden? Of laten jullie copyrightschenders hun gang gaan?

Reactie toevoegen

Plain text

  • Geen HTML toegestaan.
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.